
Btw verlegd (de verleggingsregeling) betekent dat niet de leverancier, maar de afnemer de btw aangeeft en afdraagt. De leverancier brengt dan geen btw in rekening en zet ‘btw verlegd’ op de factuur. In dit artikel lees je hoe btw verleggen werkt, wanneer het geldt, wat er op de factuur moet staan, een uitgewerkt voorbeeld van beide kanten van de transactie en welke fouten tot een naheffing leiden.
Eerst één verschil uitsluiten. Verleggen is niet hetzelfde als een vrijstelling of het nultarief. Bij een vrijstelling is er geen btw verschuldigd; bij verlegging is de btw wél verschuldigd, alleen door de ander. Dat onderscheid bepaalt wat er op de factuur hoort en wie er in de aangifte iets moet doen, dus het is meer dan een woordkwestie.
Zoek je iets specifiekers? Omdat verlegging staat of valt met het btw-nummer van je afnemer, begin je bij een btw-nummer opzoeken en controleren of bij het Europese VIES-systeem. Bouw je de factuur zelf, kijk dan bij facturen maken. En wil je beide kanten van een verlegde transactie zien, ga dan naar het uitgewerkte voorbeeld.
Inhoudsopgave
Wat betekent btw verlegd?
Normaal berekent de leverancier btw over een dienst of product en draagt die af aan de Belastingdienst. Bij de verleggingsregeling verschuift die verantwoordelijkheid naar de afnemer: de leverancier brengt geen btw in rekening en de afnemer berekent en betaalt de btw zelf. Het doel is administratieve lasten verlichten en btw-fraude voorkomen, vooral bij transacties tussen ondernemers en bij internationale handel.
Wanneer pas je de verleggingsregeling toe?
De regeling is niet optioneel: in bepaalde situaties is btw verleggen verplicht. De meest voorkomende gevallen zijn:
- Onderaanneming en het uitlenen van personeel in de bouw, scheepsbouw, schoonmaak, groenvoorziening en industrie.
- Handel in afval en oude materialen, zoals schroot en oud metaal.
- Verkoop van mobiele telefoons, chips, spelcomputers, laptops en tablets aan andere ondernemers bij bedragen boven € 10.000 (exclusief btw).
- Grensoverschrijdende B2B-diensten en -leveringen binnen de EU, wanneer zowel leverancier als afnemer een geldig btw-identificatienummer heeft.
Twijfel je of de regeling geldt? Controleer dit via de Belastingdienst. Verleggen kan alleen tussen btw-plichtige ondernemers, nooit bij leveringen aan particulieren.
Wat moet er op de factuur staan?
Verleg je de btw, dan vermeld je géén btw-bedrag, maar wel:
- de vermelding ‘btw verlegd’;
- het btw-identificatienummer van de afnemer (met landcode, bijvoorbeeld NL);
- de vergoeding per btw-tarief, zoals die zou gelden als de btw niet verlegd was.
Ontbreekt het btw-identificatienummer of de vermelding ‘btw verlegd’, dan is de verlegging niet geldig en kan de Belastingdienst de btw alsnog bij jou naheffen. Controleer het btw-nummer van je afnemer daarom vooraf, niet achteraf.
Een uitgewerkt voorbeeld: beide kanten van de transactie
Stel dat je een zakelijke klant € 5.000 factureert voor onderaanneming die onder de verleggingsregeling valt, waar normaal 21 procent btw op zou zitten. Dit doet elke partij:
| Jij (leverancier) | Je afnemer | |
| Factuurbedrag | € 5.000 | € 5.000 |
| Btw op de factuur | geen, verlegd | geen aan jou betaald |
| Geeft btw aan van | niets | € 1.050 |
| Trekt af als voorbelasting | niets | € 1.050 |
| Netto-effect op de aangifte | nul | nul |
Niemand betaalt die € 1.050 daadwerkelijk, en dat is precies de bedoeling van de regeling: de btw wordt in dezelfde aangifte aangegeven en afgetrokken, dus hij valt tegen elkaar weg. Verleggen is dus geen belastingvoordeel maar een verschuiving van wie het aangeeft, waarmee de geldstroom verdwijnt waar de fraude zat. Let wel op de asymmetrie: gebruikt je afnemer de inkoop voor btw-vrijgestelde activiteiten, dan valt de aftrek weg en is die € 1.050 voor hem echt verschuldigd.
Btw verlegd in je aangifte
Ontvang je een factuur met verlegde btw, dan geef je die btw aan in je eigen aangifte in de juiste verleggingsrubriek. Gebruik je de inkoop voor btw-belaste activiteiten, dan trek je de verlegde btw in hetzelfde tijdvak weer af als voorbelasting, waardoor er per saldo vaak niets verschuldigd is. De regels hiervoor zijn Europees vastgelegd in de btw-richtlijn van de EU. Als leverancier blijf je verantwoordelijk voor het terecht toepassen van de regeling.
Vier veelgemaakte fouten bij verleggen
- De vermelding ‘btw verlegd’ weglaten. Zonder die vermelding is de verlegging niet geldig en kan de Belastingdienst de btw bij jou als leverancier naheffen. Je afnemer heeft dan bovendien geen grond om hem aan te geven.
- Het btw-nummer van de afnemer niet controleren. Blijkt het ongeldig, dan was de verlegging niet terecht en draai jij op voor de btw. Controleren kost een minuut via VIES.
- Verleggen bij een particulier. De regeling werkt alleen tussen btw-plichtige ondernemers, want een particulier kan geen btw aangeven. Zo’n levering is gewoon belast.
- De factuur ontvangen en vergeten aan te geven. Als afnemer ben je de btw verschuldigd terwijl niemand hem bij je in rekening bracht. Sla je de aangifte over, dan kom je tekort, of de aftrek hem later had weggestreept of niet.
De rol van TriFact365
De btw-aangifte en het toepassen van de verleggingsregeling verzorg je in je boekhoudpakket. TriFact365 helpt bij de stap ervoor: de software herkent de gegevens op je inkoopfacturen, inclusief een eventuele vermelding ‘btw verlegd’, en maakt er een boekingsvoorstel van dat na jouw controle in je boekhouding komt. Dat weegt hier zwaarder dan bij een gewone factuur, want een verlegde factuur heeft geen btw-bedrag om uit te lezen: wat hem kenmerkt is de vermelding en het btw-nummer, en dat zijn precies de velden die bij handmatig overtypen worden overgeslagen. Lees meer over geautomatiseerde factuurverwerking.
Veelgestelde vragen over btw verlegd
Btw verlegd betekent dat niet de leverancier, maar de afnemer de btw aangeeft en afdraagt. De leverancier brengt geen btw in rekening en vermeldt ‘btw verlegd’ op de factuur.
Onder meer bij onderaanneming en het uitlenen van personeel in de bouw, schoonmaak en scheepsbouw, bij handel in afval en schroot, en bij grensoverschrijdende B2B-diensten binnen de EU.
Geen btw-bedrag, maar wel de vermelding ‘btw verlegd’, het btw-identificatienummer van de afnemer en de vergoeding per btw-tarief.
De afnemer. Die geeft de verlegde btw aan in de eigen aangifte en mag deze in hetzelfde tijdvak vaak weer als voorbelasting aftrekken, waardoor er per saldo niets te betalen is.
Nee. Bij een vrijstelling of het nultarief is er geen btw verschuldigd. Bij verlegging is de btw wel verschuldigd, alleen wordt hij door de afnemer aangegeven in plaats van door de leverancier.
Nee. De regeling werkt alleen tussen btw-plichtige ondernemers, omdat een particulier geen btw kan aangeven. Zo’n levering is op de normale manier belast.
TriFact365 herkent de btw-gegevens op je inkoopfacturen, inclusief een verleggingsvermelding, en maakt er een boekingsvoorstel van. Je btw-aangifte verzorg je in je boekhoudpakket.
Tot slot
Btw verleggen klinkt ingewikkeld, maar komt neer op één principe: de afnemer draagt de btw af in plaats van de leverancier. Weet je wanneer de regeling geldt, zet je de juiste vermelding en het juiste btw-nummer op de factuur, en controleer je dat nummer vóór je verstuurt, dan voorkom je naheffingen en houd je je administratie zuiver.


